MEDISCH GEBRUIK VAN KANEEL – EEN REVIEW
Het medisch gebruik van kaneel kent verschillende toepassingen. In deze review worden ze besproken.
Er zijn verschillende Latijnse benamingen die met ‘kaneel’ worden vertaald, maar de auteurs van deze review wijzen erop dat wat ‘echte’ kaneel genoemd zou kunnen worden Cinnamomum verum (synoniem: C. zeylanicum) is. De review bespreekt het onderzoek naar het medicinale gebruik van C. zeylanicum, C. verum en C. cassia. Die laatste is de zogenaamde cassia-schors of Chinese kaneel (Cinnamomum aromaticum, synoniem C. cassia).
Vanwege deze verschillende soorten (en de verwarring die dat oproept) zou elke studie naar kaneel en elk commercieel kaneelproduct duidelijk en correct gelabeld moeten zijn, aldus de auteurs. Ze zijn verder van mening dat “heel weinig van wat doorgaat voor kaneel in de markt, traditionele geneeskunde of in moderne studies, daadwerkelijk echte kaneel is” – Cinnamomum verum dus – en dat cassia gemakkelijk te onderscheiden is door het gehalte van “0,45% coumarine en een bijna volledige afwezigheid van eugenol.”
Kaneel wordt al lang gebruikt in de traditionele Aziatische geneeskunde en wordt meestal gecombineerd met andere kruiden. Het werd toegepast tegen gewrichtspijn, hartkloppingen en dysmenorroe. De oude Egyptenaren gebruikten kaneel als balsemmiddel. Vanuit Azië kwam kaneel naar Europa, om mee te koken en als medicijn. Europese kruidkundigen schreven het voor bij dyspepsie, milde spasmen, indigestie, verlies van eetlust, diarree en baarmoederbloedingen. Amerikaanse eclectische artsen gebruikten kaneel in de 19e eeuw als tonicum en stimulerend, maagversterkend, windafdrijvend en samentrekkend middel. Ook werd kaneel gebruikt om de smaak van andere medicijnen te verbeteren.
Ook in de huidige fytotherapie wordt kaneel gebruikt: de Duitse Kommission E (een overheidsinstantie die veiligheid en werkzaamheid van plantaardige preparaten toetst) keurde het inwendig gebruik van zowel C. verum als C. aromaticum goed om verlies van eetlust, dyspeptische klachten zoals milde spastische aandoeningen van het maag-darmkanaal, een opgeblazen gevoel en winderigheid te behandelen.

INHOUDSSTOFFEN KANEEL
Kaneelschors bevat 1 tot 2% vluchtige oliën, met cinnamaldehyde als belangrijkste bestanddeel. Het bevat daarnaast kaneelzuur, coumarine, tannines, cinncassiolen en melatonine. Kaneel heeft sterke antioxiderende eigenschappen en de etherische olie heeft in vitro antibacteriële en antischimmeleigenschappen laten zien. In dierstudies is aangetoond dat het de samentrekkingen van gladde spieren in de luchtpijp en het ileum, de dikke darm en de maag vermindert. In een onderzoek onder 54 menselijke proefpersonen verhoogde kaneelthee de totale serumantioxidantstatus en verminderde lipideperoxidatie, vergeleken met de consumptie van water of gewone thee.
CASSIA EN DIABETES
De auteurs halen een onderzoek aan waarin kaneelschors een potentiële hypoglycemische werking vertoonde. Latere klinische onderzoeken hebben echter gemengde resultaten laten zien. Twee recente systematische reviews analyseren die latere onderzoeken.
De eerste review onderzocht drie “sterke” tot “goede” klinische diabetesonderzoeken naar cassia.
Het eerste onderzoek rapporteerde een verlaging van serumglucose, low density lipoproteïnecholesterol en totale cholesterolwaarden bij 60 mensen met type 2-diabetes die dagelijks cassia namen gedurende 40 dagen. De tweede studie, bij patiënten met diabetes type 2, meldde een matig effect van cassia op nuchtere glucose, maar geen effect op hemoglobine A1c of lipidenprofielen. De derde studie meldde geen verandering in nuchtere glucose, insuline hemoglobine A1c, orale glucosetolerantie of lipidenprofiel. De review wees erop dat proefpersonen in de eerste studie verhoogde nuchtere glucosewaarden hadden, wat erop wijst dat kaneel effectiever zou kunnen zijn bij patiënten met slechte glucosecontrole.
De tweede review analyseerde vijf klinische onderzoeken naar cassia die aan patiënten met diabetes type 2 werden gegeven. Geen van de studies toonde een significante verandering in hemoglobine A1c, nuchtere bloedglucose of lipidenparameters. De auteurs concluderen dan ook dat “het nut van kaneel bij diabetes onduidelijk blijft”.
ANTIBACTERIËLE EN ANTISCHIMMELEIGENSCHAPPEN VAN KANEEL
De antibacteriële en antischimmeleigenschappen van kaneel zijn beter aangetoond, alhoewel de auteurs ook een studie citeren die concludeerde dat kaneel niet effectief was bij het uitroeien van Helicobacter pylori. Een andere studie liet dan weer zien dat een commercieel verkrijgbaar kaneelproduct candidiasis verbeterde. Ook wordt een systematische review aangehaald van studies die een combinatieformule onderzoeken die kaneel bevatte. De formule had een gunstig effect op angina pectoris met verwaarloosbare bijwerkingen. In een ander recent overzicht was kaneel een ingrediënt in veel van de formules die een potentieel voordeel lieten zien bij de behandeling van endometriose.
VEILIGHEID EN INTERACTIES
De auteurs behandelen ook de veiligheid van kaneel en interacties met geneesmiddelen. Over het algemeen kan kaneelschors als veilig wordt beschouwd. Bijwerkingen die zijn gemeld gaan over allergische reacties na het gebruikt van in kaneel gedrenkte tandenstokers, kauwgom met kaneelsmaak en rauwe kaneel. Hierbij zijn zweren en brandwonden gereapporteerd. Een enkel casusrapport dat door de auteurs wordt aangehaald, koppelde kaneelkauwgom aan plaveiselcelcarcinoom.
CONCLUSIE
De auteurs concluderen hun review met: “Er is weinig klinisch onderzoek gedaan naar deze interessante plant en wat er wel is gedaan, negeert de traditionele indicaties. Als gevolg hiervan moet er nog veel aanvullend onderzoek worden gedaan naar dit eeuwenoude specerij en medicijn.”
Lees hier de volledige review.






